Wanneer de voet ten opzichte van het onderbeen een te grote beweging naar binnen of naar buiten maakt, dan kunnen de gewrichtsbanden rond het enkelgewricht uitrekken of zelfs scheuren. Dit noemt men een verstuiking of verzwikking. Het is één van de meest voorkomende letsels en kan al optreden bij het afstappen van een trapje of een stoeprand. Een enkelverzwikking is ook de meest voorkomende sportblessure. Meestal gaat de voet naar binnen en zakt men door de enkel naar buiten toe waarbij de buitenste gewrichtsbanden gekwetst worden.
Meestal is de voorste band aan de buitenzijde van de enkel uitgerekt of gescheurd. In ernstige gevallen kunnen de onderste en achterste gewrichtsband aan de buitenzijde van de enkel ook doorgescheurd zijn, wat leidt tot volledige instabiliteit van de enkel.
Een verzwikking gaat (vaak) gepaard met plotse scherpe pijn, meestal aan de buitenkant van de enkel. De ergste pijn wordt na een paar minuten minder, waardoor voorzichtig lopen vaak weer gaat. Het blijft een periode pijnlijk om op uw voet te staan. Een plotse zwelling aan de buitenzijde van de enkel direkt na de verzwikking (vaak het ‘ei’ genoemd) duidt eerder op een bloeding en kan wijzen op een scheur van de banden, of zelfs een barst of breuk van het scheen- en/of kuitbeen. De aard van de behandeling hangt af van de ernst van de enkelverzwikking.
De symptomen zijn meestal minimaal:
Voor een graad 1 verzwikking is geen specifieke behandeling nodig. Meestal volstaat een periode van rust, koelen d.m.v. ijs en hoogstand gedurende enkele dagen. Daarna treedt een functioneel herstel op van de beschadigde enkelband. U kan stappen maken, eventueel met een klein steunverband, desnoods met behulp van krukken, tot de ergste pijnklachten voorbij zijn. Hervatten van normale bezigheden is meestal binnen 1-2 weken mogelijk.
Er vormt zich een grote bloeduitstorting, meestal veel pijn en zwelling. Een specifieke functionele behandeling in fasen met bandage (tape of brace) van het enkelgewricht is nodig.
Het is vaak onmogelijk om op uw enkel te steunen. Volledige immobilisatie van het gewricht is vereist. Deskundige hulp met verwijzing naar een (orthopedisch) chirurg is nodig. Ook bij een afwijkende röntgenfoto (een barst of breuk in het bot) is verwijzing naar een (orthopedisch) chirurg aangewezen.